2. Vleselijke christenen kunnen het overvloedige en vruchtdragende christenleven niet ervaren.
Print
deze pagina's
Zij vertrouwen op eigen kunnen om als christen te leven:
| A. |
Is onkundig van Gods liefde, vergeving en kracht.
Of is het vergeten (Romeinen 5:8-10; Hebreeën 10:1-25; 1 Johannes 1;
2:1-3; 2 Petrus 1:9; Handelingen 1:8). |
| B. |
Wordt in het geestelijke leven heen en weer geslingerd.
|
| C. |
Zit met zichzelf in de knoop. Wil doen wat goed is, maar
kan het niet. |
| D. |
Laat na om in de kracht van de Heilige Geest te leven (1
Corinthiërs 3:1-3; Romeinen 7:15-24; 8:7; Galaten 5:16-18). |
De vleselijke mens
Een of meer van de volgende eigenschappen kunnen de christen karakteriseren
die God niet volkomen vertrouwt:

Degene die belijdt christen te zijn maar zó door blijft zondigen, moet
beseffen dat hij misschien helemaal geen volgeling van Jezus Christus is, volgens
1 Johannes 2:3, 3:6-9, Efeziërs 5:5.
De derde waarheid geeft ons de enige oplossing voor dit probleem …
|